• partner

  • partner

  • partner

Blog

  • De rol van flash storage in het datacenter

    21.07.15 | Door: Yellow Communications

    Rondom flash storage hangt een sexy imago. Veel bedrijven zouden al intensief gebruikmaken van enterprise flash storage in hun datacenters of ze experimenteren hiermee. CIO’s die nog helemaal niets met flash doen, zijn losers. Althans deze indruk krijg je als je leveranciers, analisten en de minder kritische journalisten mag geloven. Niets is minder waar. Slimme CIO’s laten zich niet meeslepen met iedere nieuwe hype. Zij trekken hun eigen plan.

    Onlangs lekte The Register dat storage-reus EMC maar liefst een miljard dollar heeft betaald voor DSDD, een veelbelovende maar voor niet-ingewijden een volstrekt onbekende start-up die zich bezig houdt met ‘rack-scale flash storage’. Volgens Gartner verdubbelde de wereldwijde markt voor Solid State Arrays, een vorm van flash storage, vorig jaar en bedroeg de omzet 1,43 miljard dollar. Flash is dus hot.

    Begripsverwarring
    Flash storage heb je in allerlei soorten en smaken. Er bestaat begripsverwarring omdat scherpe definities ontbreken. De nieuwste loot aan de stam, de zogenoemde Big Data Flash, vergroot die verwarring alleen maar, omdat niemand precies weet wat hieronder wordt verstaan. Het is daarom prijzenswaardig dat IDC een taxonomie heeft opgesteld voor flash-producten. De analisten van IDC maken een onderscheid tussen server-attached en netwerk-attached storage-oplossingen. 

    Netwerk-attached storage arrays kun je onderverdelen in all-flash arrays (AFAs) en hybride flash arrays (HFA’s). AFAs kun je dan weer rangschikken op basis van het type opslagmedium dat wordt gebruikt. Zo zijn er op de storagemarkt custom flash modules (CFM’s) en solid state disks (SSDs). Bij de Hybride Flash Array’s heb je ook weer verschillende varianten, namelijk de mix van harde schijven (HDD’s) met solid state disks (SDD’s). Ook binnen de categorie all-flash kun je dan nog een mix maken van CFM’s en SSD’s. 

    De server-attached storage-oplossingen kennen ook een aantal categorieën, zoals de memory channel-attached flash, PCI-based flash storage en SSD’s die in de server zelf zijn geïnstalleerd. Het zijn overigens niet alleen start-ups die brood zien in flash. Ook de bekende serverfabrikanten als Dell, HDS, HP, IBM en Oracle proberen een graantje mee te pikken en bieden flash storage tegenwoordig standaard aan. Het aanbod is overweldigend, waardoor de keuzestress voor CIO’s alleen maar toeneemt. Mijn advies: keep what’s working. De meeste storage-systemen gaan echt wel langer mee dan de drie tot vijf jaar die OEM’s voorschrijven. Bestaande storage arrays kun je desgewenst prima opwaarderen met flash.

    IOPS
    Sommige storagebeheerders beginnen al te watertanden bij de gedachte aan supersnelle flash storage met miljoenen IOPS. IT gaat sowieso altijd voor de nieuwste en snelste apparatuur. En diep in zijn hart droomt de CIO misschien ook over een Lamborghini, maar met een gezin met vier kinderen is dat niet echt praktisch. Dan heb je meer aan een MPV. Diezelfde praktische benadering bij automobiliteit is vereist bij de aanbesteding van nieuwe storage-systemen. Want wees nou eerlijk, hoeveel bedrijven hebben nu echt flash storage nodig? Hoewel de analisten van IDC de toekomst voor flash storage-oplossingen rooskleurig inzien, geven ze ook ruiterlijk toe dat meer dan twee derde van alle data binnen ondernemingen wordt gebruikt voor toepassingen die strikt genomen geen torenhoge IOPS vereisen. Slimme CIO’s maken eerst een onderscheid tussen actieve, minder actieve en inactieve data, ook wel hot, warm en cold data genoemd. Data die al een half jaar niet meer is geraadpleegd, zal waarschijnlijk nooit meer worden opgevraagd. Geen mens leest al zijn e-mails twee keer? Het heeft dus geen zin om die data op snelle opslagmedia, zoals SSD’s, te bewaren. Inactieve data neemt onnodig veel bandbreedte en serverruimte in beslag en dat is kostbaar. Hierdoor duren back-ups steeds langer en vertraagt het bedrijfsnetwerk. Automatische vormen van storage tiering, die data automatisch verplaatsen van snelle SSDs, naar steeds mindere snelle opslagmedia, zoals HDDs met snelheden van respectievelijk 15.000, 10.000 en 7.200 rpm, bieden uitkomst. Extra features als deduplicatie en thin provisioning zorgen ervoor dat storagebeheerders de beschikbare storagecapaciteit zo efficiënt mogelijk benutten. 

    Onderzoek
    Hoe staat het eigenlijk met de adoptie van flash storage in Nederland? In opdracht van Pure Storage, leverancier van all-flash enterprise storage, deed Multiscope onderzoek. Slechts 16 procent van de bedrijven gebruikt flash storage, terwijl 40 procent van de bedrijven disks gebruikt. Flash storage staat dus nog in de kinderschoenen. Redenen voor bedrijven om flash storage te gebruiken zijn de gecombineerde voordelen van snelheid (47 procent), performance (46 procent) en energie-efficiëntie (41 procent). De overige respondenten geven aan dat ze zowel disks als flash gebruiken, of een andere oplossing hebben om data op te slaan. De gezondheidszorg en de retailsector zijn koplopers met 15 procent flash-gebruik. Opmerkelijk is dat slechts 6,4 percent van de bedrijven in de financiële sector flash gebruikt.

    ‘Flash is here to stay’ en zal zeker zijn plaats in het datacenter veroveren. ‘One size fits all’ bestaat echter niet in de storage-wereld. Iedere onderneming is uniek. Een audit door een objectieve, vendor-neutrale partij zoals Curvature verschaft het broodnodige inzicht in de werkelijke storage-behoefte van de onderneming. Bedenk: hoe sexy flash ook klinkt, CIO’s moeten zich hierdoor niet gek laten maken. Ondernemingen hoeven niet altijd te gaan voor de ‘latest and the greatest’. Om van Amsterdam naar Lijnden te rijden heb je ook geen Lamborghini nodig…

    David Howard. Services, Server and Storage Product Manager EMEA bij Curvature

Meest gelezen op IT Executive

Meest bekeken partnercontent